Banner

Nieuwste forum items

Forum Trekpaarden.eu
Live-informatie van Forum Trekpaarden.eu

Re: Kosten

Re: Power Horse

Re: Kosten

Re: Power Horse

Power Horse
Garnalen vissen
De geschiedenis van Koksijde en Oostduinkerke (Belgie) verloopt parallel. Beide plaatsen waren hoofdzakelijk landbouwers en vissersdorpen met heel wat IJslandvaarders en garnaalvissers te paard. Vanaf het einde van de 19e eeuw groeiden ze uit tot badplaatsen. koksijde1
Oostduinkerke is de enige Vlaamse badplaats waar u nog garnaalvissers te paard aan het werk kan zien. Op hun gespierde trekpaarden trekken ze de netten door de zee. De 'garnaal' staat hier hoog in het vaandel en krijgt in de gastronomie dan ook heel wat aandacht. Vakantiegangers die willen genieten van rust en natuur, gekoppeld aan culinaire levensgeneugten, zullen deze badplaats bijzonder waarderen.

Geniet hier van live-beelden: http://nl.youtube.com/watch?v=l9DJTDxmOt8&feature=related
http://nl.youtube.com/watch?v=C-IeWKI9irY&feature=related


Visserijmuseum

Het Nationaal Visserijmuseum in Oostduinkerke herbergt een unieke verzameling maquettes van vissersschepen vanaf de 9e eeuw. Tot het museum behoren nog het erepark voor verdronken vissers, een vissershuisje en een vissersherberg van ca. 1900. Hier kan u proeven van de plaatselijke lekkernij, garnalen, vers van de visser te paard. Tijdens het zomerseizoen zijn er ekke vrijdagavond animatie en folklore in de openlucht.
De ruïnes van de Duinenabdij (Cisterciënzerabdij uit de 13e eeuw) in Koksijde worden tot de belangrijkste historische plaatsen aan de Vlaamse kust gerekend. Eens torende deze statige abdij boven de duinenshrimpers_on_horseback uit en werd ze één van de machtigste cultuurcentra van de lage landen genoemd. De resten van de kerk, de refter (eetzaal), de kapittelzaal en het kloosterpand kan u nog bezichtigen. De boeiende vondsten en historische documenten werden ondergebracht in het museum van de Duinenabdij.








De garnaalvissers te paard vormen ongetwijfeld het uithangbord van Oostduinkerke. Dit is de enige plaats ter wereld waar je hen aan het werk kan zien. Bij laag water, gekleed in gele oliejekkers en zuidwester, trekken ze erop uit om garnalen te vangen.
garnaal
Reeds honderden malen zijn zij vereeuwigd door kunstschilders, beeldhouwers, fotografen en cineasten.
De paardenvissers, hoog op hun stoere boerenpaarden gezeten, dwingen nog steeds ieders bewondering af wanneer ze moeizaam door de golven ploegen.

Vroeger kon men hen niet alleen aan onze Vlaamse kust aantreffen, maar ook op de stranden van Noord-Frankrijk, Zuid-Engeland en Nederland. Vandaag is hun verschijning een unicum voor Oostduinkerke. De typische visserstradities zijn hier zeker niet vreemd aan. Bovendien beschikt Oostduinkerke over een ideaal strand, zonder golfbrekers of andere hinderpalen, waar "het te water gaan" voor de paarden geen gevaar oplevert. De garnalen vinden er tevens een uitstekende voedingsbodem.

De garnaalvisserij, zowel te paard als te voet, wordt beoefend bij laag tij, gedurende ongeveer 2 à 3 uren. De paardenvisser zit in een houten zadel op zijn paard dat het zware garnaalnet achter zich aansleept. De paarden stappen tot aan de borst in het water. Vroeger werden meestal taaie muilezels gebruikt, die vooral bekend waren om hun uithoudingsvermogen. Nu zijn de muilezels zeldzaam geworden en doen de vissers beroep op kloeke trekpaarden van o.a. het Brabantse of Ardense ras. Deze rustige en sterke dieren zijn uitstekend geschikt om het zware werk te verrichten.

Af en toe komen paard en visser op het droge om het net te ledigen in de korven die aan weerszijden van het paard vastgehecht zijn.
De garnalen worden onmiddellijk na thuiskomst gewassen en gekookt om daarna door de visser zelf of door zijn echtgenote aan de man te worden gebracht.

De garnalen die op deze wijze gevangen en gekookt worden zijn voor de fijnproevers een waar genot, omdat ze zo uitzonderlijk vers zijn.

Garnaalvissen te paard is economisch gezien niet meer lonend, maar op toeristisch vlak en als folklore loont het absoluut de moeite om deze ambacht in stand te houden. In het laatste weekend van juni bereikt deze traditie een jaarlijks hoogtepunt met de Garnaalfeesten. Dan rijdt de Garnaalstoet uit en paraderen 'Mieke Garnaal' en haar eredames door de straten van Oostduinkerke.

En dan is het natuurlijk ook tijd voor de laatste garnaalvissers die met hun trekpaarden de zee intrekken. Stoere mannen in gele jekkers met naast zich twee grote gevlochten rieten manden en achter zich het sleepnet waarin de garnalen gevangen worden. De paarden trekken tegen de stroming in, tot ze met de hals in het water staan.  (Bron:dekust.org)

En hier een echte GARNALENVISSER  nou ja GARNALENVISTER aan het woord:

Garnalen vissen te paard
De garnaalvisserij te paard is een zeer oude traditie, vroeger werd dit gedaan om eten te hebben. Men viste toen met muilezels en heel andere soorten netten dan de dag van vandaag.

Ik zal jullie echter vertellen over hoe het nu gebeurt.(Later zal ik misschien nog eens mogen schrijven over hoe het vroeger gebeurde.)

Ik, Dominique Vanden Driessche, ben zelf een garnaalvisser te paard. Ik woon in Oostduinkerke en alleen daar wordt er te paard op garnalen gevist. Nu vraag je je misschien af: "Waarom kan dit alleen in Oostduinkerke?" Wel, in Nieuwpoort en in Sint-Idesbald en de andere badplaatsen staat het vol met golfbrekers. Die golfbrekers beletten de paarden een bepaalde afstand af te leggen door het water. In Oostduinkerke staan geen golfbrekers dus we kunnen bepaalde lengten door het water afleggen.

Hoe gaat alles in zijn werk?
Eerst natuurlijk de benodigdheden: een trekpaard, een kar (meestal een wipkar: kar op 1 as), manden, een strozak, een zeef, visserskleren en een net + planken. Nu denken jullie waarschijnlijk allemaal voor wat dat allemaal dient en wat het is.

Vooraleer je vist moet je natuurlijk kijken wanneer het laagwater is, want als het hoog water is, kun je niets vangen en heb je het risico dat je niet meer op tijd uit de zee raakt (dat is dus GEVAARLIJK).
In de vakantie houden we daar niet veel rekening mee want dan vissen we maar een halfuurtje om deze traditie voor te stellen aan de toeristen. Je kan echter in de vakantie niet veel vangen want hoe warmer het wordt, hoe verder de garnalen wegtrekken (we kunnen ons paard niet doen zwemmen met ons zwaar net hé).

Men kan echter veel vangen in het voor- en najaar want dan is het kouder, als het zeer koud is valt er veel te vangen. Dan vissen we 3 uur. We moeten dan natuurlijk wel rekening houden met het laagwater. We moeten anderhalf uur voor het laagwater aan het strand zijn, en anderhalf uur later moeten we er weer uit zijn. Anders staat onze kar in het water.

We vissen natuurlijk geen 3 uur aan een stuk door, we komen regelmatig uit om de vangst in onze manden doen.

Nu zal ik eens uitleggen hoe het vissen zelf gaat:
We nemen het einde van ons net en we sleuren dat uit onze kar, tot de planken spannen. Achteraan het net zijn touwtjes, daarmee knopen we het net toe. We hebben in onze kar ook een bol (om te zien in de zee waar het einde van ons net is). Die bol knopen we achteraan ook vast.
Vervolgens nemen we de eerste plank uit onze kar en zetten die op het strand (hangt vast aan het net), daarna nemen we de ene string van de plank en doen we die vast aan het paard (zodat het niet weg kan).

Daarna halen we de tweede plank van de kar af, die zetten we ook op het strand. Nu halen we het trekpaard uit de kar, en we zetten het voor ons net, ter hoogte tussen de planken. We maken beide stringen vast aan het paard en nemen vervolgens de manden en smijten die op het paard, met daarin de zeef. Dan leggen we de strozak erop.(zodat we niet teveel zeer zouden hebben aan ons achterwerk!) We gaan dan met ons paard de zee in.

Als we in zee zitten moeten we onze paarden goed vasthouden en overal opletten want de zee zit vol gevaren. We komen geregeld uit zee(altijd loodrecht) om ons net vervolgens open te maken, kijken wat we hebben, de vuiligheid (krabben, palingen, kleine visjes) eruit halen (via de zeef) en de resterende garnalen in onze manden te kieperen.

Dit doen we zo een paar keer en als we op het einde voor de laatste
keer uitkomen bij onze kar doen                                                          alt
we alles van het paard, leggen de planken op onze kar en dan gaan we vooruit met ons paard in de zee,
zonder dat het net op de kar ligt. Dit doen we omdat het net in het water zou gaan en zou uitgekuist
zou worden.

Dan leggen we in zee (niet megadiep in zee) ons net op de kar, draaien onze kar en zijn naar huis.
Daar koken we de garnalen en verkopen ze (of we eten ze zelf op).

Tot een volgende keer!

Dominique

Uit Paardentips Magazine - copyright 2008 - www.paardentips.com

Commentaar (0)Add Comment

Schrijf commentaar

security code
Schrijf de volgende tekens


busy